|
|
Het orgelSchnitger /Freytag
Het orgel van onze kerk is gebouwd in de jaren 1792 en 1793 door de orgelmakers Frans Caspar Schnitger jr. en Heinrich Hermann Freytag, als vervanging van een ouder orgel. Zij waren compagnons en hadden een orgelmakerij in de stad Groningen. Frans Caspar Schnitger jr. is een kleinzoon van de beroemde orgelmaker Arp Schnitger. Na diens dood wordt de orgelmakerij voortgezet door Albertus Antonie Hinsz, daarna door Arp Schnitgers zoon Frans Caspar en vervolgens door Frans Caspar Schnitger jr. en Heinrich Hermann Freytag. Op 1 april 1793 wordt het nieuwe orgel van de Hervormde Kerk van Zuidhorn ingewijd in een feestelijke godsdienstoefening waarin voorgaat dominee Johannes Ernestus Winter, gedurende drieënzestig jaar predikant van de gemeente. De feestrede van dominee Winter is bewaard gebleven en bevindt zich in de Groninger Archieven. Verscheidene goede gevers hebben de bouw van het orgel mogelijk gemaakt, onder wie de toenmalige borgheer van de Hanckemaborg, Maurits Clant. De namen van de belangrijkste gevers staan vermeld op de cartouche boven de oude klaviatuur aan de voorkant van de orgelkas. Het orgel wordt voor de oplevering gekeurd door de organist van de Academiekerk te Groningen, de heer J.H. Tammen. Hij is vol lof.
Tot 1877 verandert er vrijwel niets aan het orgel. In dat jaar verricht Petrus van Oeckelen enkele reparaties, vervangt de drie spaanbalgen door een magazijnbalg en plaatst een Viola di Gamba 8' op het orgel, een zacht strijkend register dat in de negentiende eeuw zeer in de mode was. Hij verwijdert de Sexquialter. Rampjaar Het rampjaar voor het orgel is ongetwijfeld 1924. In dat jaar gaf de kerkenraad onder voorzitterschap van dominee Bange toestemming voor een rigoureuze verbouwing van het orgel. Van een eenmanualig mechanisch instrument werd het orgel door de firma P. van Dam te Leeuwarden verbouwd tot een tweemanualig pneumatisch orgel. Het contact tussen toets en pijp komt bij deze techniek tot stand door luchtdruk. Alles wat met het oorspronkelijke mechaniek te maken had, werd verwijderd. De registers werden verdeeld over twee klavieren en een aantal modieuze, totaal niet bij het klankconcept van het orgel passende stemmen werden toegevoegd: Aeoline 8' en Violon 8'. Aan de zijkant van de orgelkas wordt een nieuwe speeltafel geplaatst. Ongeveer zeventig procent van het pijpwerk van Schnitger/Freytag wordt gehandhaafd, hoewel soms opgeschoven. De Trompet 8' wordt vervangen door een zinken fabriekstrompet, de Nassat verdwijnt, evenals de Mixtuur. Er worden nieuwe pneumatische windladen gemaakt. Vanzelfsprekend is de klank van het orgel na de verbouwing van 1924 sterk gewijzigd en aangepast aan de smaak van het begin van de twintigste eeuw. In de loop van de tijd blijkt dat het pneumatische systeem dat de firma Van Dam in 1924 plaatste pneumatiek van de slechtste soort is. Functioneert het orgel in de jaren zestig al niet best, in de decennia daarna treden steeds meer problemen aan het licht en ontwikkelt zich de aanpak van die problemen tot wat men noemt 'pappen en nathouden'. Met ere moet in dit verband worden genoemd de heer J.J. Harkema, jarenlang organist van de Hervormde Gemeente Zuidhorn. Tot zijn overlijden heeft hij, menigmaal met het hem op het lijf geschreven kunst- en vliegwerk, het orgel aan de praat gehouden. Restauratie In 1973 stelt de toenmalige orgeladviseur Klaas Bolt een restauratierapport op, waarin een reconstructie naar de toestand van 1793 is voorzien. De hele operatie wordt begroot op f 70.000,-. Vervolgens gebeurt er ruim vijfentwintig jaar niets aan het orgel. In 1999 maakt orgeladviseur Stef Tuinstra op basis van het rapport van Klaas Bolt een nieuw restauratierapport, dat wordt ingediend bij de burgerlijke gemeente Zuidhorn en bij de Rijksdienst Voor Monumentenzorg. Het subsidiabele bedrag wordt vastgesteld. Vanaf 2003 is een orgelcommissie bezig de restauratie/reconstructie voor te bereiden. Men moet dan denken aan het vragen van offertes aan orgelmakerijen, het werven van fondsen, het overleggen met de burgerlijke gemeente Zuidhorn, het opnieuw laten vaststellen van de subsidie. Het uiteindelijke doel is het orgel weer in zijn oude glorie te laten klinken. Hoe gehavend ook, het instrument is het zeker waard! Aan het orgelbalkon is een lessenaar bevestigd. Vanaf deze plek werd voorgelezen en voorgezongen, vaak door de schoolmeester die tevens organist was. Op de lessenaar ligt een waardevolle Bijbel van uitgeverij Keur, geschonken door de families Clant en Hora Siccama, die ook het orgel hebben geschonken. De bijbel is in 2000 gerestaureerd. Helaas ontbreken de platen; die zijn er al lang geleden uitgescheurd.
|
Het wordt nog te weinig beseft: de Hervormde Kerk van Zuidhorn heeft een uniek, deels nog zeventiende-eeuws interieur, waarvan de afzonderlijke elementen (preekstoel, bankenblokken, herenbanken) een prachtige eenheid vormen. Naadloos voegen zich daarin de laat achttiende-eeuwse orgelgalerij en het orgel.
Het rechter register
Het linker register Interessante informatie over (kerk)orgels is te vinden op http://kees-kugel.magix.net/website |



